Skip to content

Er valt wat te beleven tussen votum en zegen

‘Hoe sprong mijn hart hoog op in mij, toen men mij zeide:
gort u aan, om naar des Heren huis te gaan!’ (Psalm 122)

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar het lijkt mij sterk dat de meesten van ons op een doorsnee zondagmorgen vrolijk wakker worden met de gedachte: ‘hoera, het is weer kerk vandaag!’.
En toch, de wekelijkse samenkomst van de gemeente van Christus op de eerste dag van de week, een dag die al vanaf het begin van de kerk als de dag van de opstanding wordt gevierd, die dag is voor velen nog altijd het hart van het christelijk geloof, zelfs van de kerk. De kerk als een gemeenschap van mannen en vrouwen, jong en oud, welgesteld of geen cent te makken, hoogopgeleid of wat eenvoudiger van geest. We zijn nl. aan elkaar gegeven, niet omdat wij elkaar hebben uitgekozen, maar omdat wij ons geroepen weten getuigen van Gods Geest te zijn. Daartoe komen wij op zondag bij elkaar. Om ons geloof met elkaar te delen, om te leren, te vieren en om te aanbidden. Of zoals een ander lied uit ons mooie liedboek het zegt:

‘Zolang wij ademhalen, schept Gij in ons de kracht
om zingend te vertalen waartoe wij zijn gedacht’ (Lied 657).

Daarom dus, lang leve de kerk!
Maar hoe ziet zo’n samenkomst van de gemeente er dan uit?
Wat vieren wij dan met elkaar in de kerk of tijdens een kerkdienst op zondag?
Of eredienst, zoals de wekelijkse viering ook wel wordt genoemd.

Omdat dat niet voor iedereen meer altijd even duidelijk is hebben collega Bloemendaal en ik, in overleg met onze eigen werkgroep eredienst, besloten om daar de komende weken een paar artikeltjes aan te wijden in de Kern.
Ik bijt vandaag de spits af, met een eerste verkenning. En die gaat over de voorbereiding. Een voorbereiding die thuis dus al begint.
Van de dienstdoende voorganger mag je verwachten dat die zich er goed op voorbereidt.
Dat geldt ook voor de koster, die zorgt voor een gastvrij en warm onthaal. De organist, die de samenzang begeleidt, de leiding van de kindernevendienst en tienerkerk en van degene die de beamer bedient. Een goede voorbereiding onderstreept het hogere doel van de zondagse eredienst. Maar hoe zit je er zelf? Wat neem je mee aan emoties, sores en zorgen, verdriet en dingen waar je dankbaar voor bent? Wees je ervan bewust en deel ze van te voren ook zelf, thuis in een persoonlijk of in een gezamenlijk gebed. En bid daarbij voor een goede dienst!

Laat je vervolgens, eenmaal aangekomen bij de kerk, verrassen door de dingen die komen.
De ontmoeting met medegelovigen, in de prachtig vernieuwde en sterk uitgebreide nieuwe ontmoetingsruimte bij de kerk, het zingen vooraf aan de dienst ‘om er alvast in te komen’.
Totdat de vertegenwoordiging van de kerkenraad aantreedt, die zich intussen ook al biddend had voorbereid. Nadat een aantal dienstmededelingen en afkondigingen zijn gedaan begint vervolgens de eigenlijke eredienst. Met een handdruk, waarmee de kerkenraad symbolisch de volle verantwoordelijkheid neemt voor alles wat er zich verder voltrekt in deze dienst.
Een goede voorganger is zich daar terdege van bewust.
Daarna gaat de gemeente staan voor het zingen van het zogenaamde intochtslied.
Waarmee de intocht van de Aanwezige God wordt beleden en gevierd.
Meer daarover en wat er verder volgt tijdens de kerkdienst schrijft collega Bloemendaal in de volgende Kern.

Pastor Bouke van Brug

(Gepubliceerd in De Kern, 23 november 2018)

Trackbacks

Geen Trackbacks

Reacties

Geeft reacties weer als Lineair | Samengevoegd

Geen reacties

De auteur staat geen reacties toe op dit artikel